Zorgen voor morgen begint vandaag

Onze samenleving maakt een ongekende periode door. Het leven zoals we dat kennen, is op zijn kop gezet. Mensen zijn gescheiden van hun geliefden, verliezen hun vrijheid, weten niet of en wanneer het virus en de maatregelen zullen stoppen. Dit stelt mensen op de proef. De onzekerheid, angst en stress die hiermee gepaard gaan, kunnen ernstige gevolgen hebben. Zeker in combinatie met sociale isolatie, moeilijkere toegang tot hulp, het wegvallen van hobby’s en activiteiten, de onzekerheid over het werk. Het coronavirus heeft niet alleen gevolgen voor onze fysieke gezondheid, maar heeft ook een grote impact op het mentale welzijn van de bevolking.

De gevolgen van de quarantaine maatregelen op ons mentaal welbevinden werden onmiddellijk zichtbaar. Op dinsdag 24 maart werd de vragenlijst van de coronastudie, een initiatief van de Universiteit Antwerpen, zo'n 346.000 keer ingevuld. 32% van de respondenten heeft problemen om zich te concentreren, 30% slaapt slechter dan gewoonlijk, 42% voelt zich meer onder druk gezet. En 42% van de respondenten geeft aan zich neerslachtiger dan anders te voelen.

De eerste gevolgen voor ons mentale welzijn steken nu al de kop op. De hulplijnen krijgen meer oproepen binnen. Ze trekken ook een nieuw publiek aan. Voor mensen die zelf ziek geworden zijn door COVID-19, kan de besmetting een trauma nalaten. Sommigen hebben voor hun leven gevreesd, lagen in ademnood op intensieve zorgen, zonder hun familie aan hun zijde en met verzorgers die verborgen zijn achter beschermingsmateriaal.

De veerkracht van mensen is cruciaal om deze crisis goed door te komen. We weten dat de combinatie van stressoren en risicofactoren daar een grote impact op kunnen hebben. Die effecten zullen we pas zien tegen het einde van de crisis en in de periode daarna. Niet iedereen zal vlot de draad van het ‘gewone’ leven terug kunnen oppikken. We kunnen verwachten dat er uitval zal zijn op school of op het werk. Ook de psychosociale gevolgen van een economische recessie zien we pas met vertraging. We kunnen en moeten ons hierop zo goed als mogelijk voorbereiden en alle krachten bundelen. Zorgen voor morgen begint vandaag.

Hoe gaan we bouwen aan een veerkrachtige samenleving?

Met het actieplan mentaal welzijn of ‘Zorgen voor morgen’ (met bijlage) willen we de bevolking laten zien dat we de psychosociale gevolgen van de Corona-maatregelen ernstig nemen. En dat we zowel op korte als op middellange termijn oplossingen hebben. We willen de veerkracht van de bevolking opkrikken, mensen helpen met beter voor zichzelf te zorgen, en snel en krachtdadig de gevolgen van deze crisis op onze mentale gezondheid aanpakken.

We focussen ons op vijf grote doelgroepen:

  • De volledige bevolking. Iedereen ondervindt een impact op zijn of haar leven door de maatregelen.
  • De zorgverleners en bewoners van residentiële voorzieningen. De zorgverleners en welzijnswerkers staan onder grote druk en de bewoners zijn al weken geïsoleerd.
  • Kinderen, jongeren en gezinnen. Het wegvallen van school en andere activiteiten en constant thuis zijn legt een grote druk op de gezinnen maar ook de kinderen en jongeren zelf.  
  • Mensen met een maatschappelijke of psychische kwetsbaarheid. Zij zijn bijzonder vatbaar voor een verhoogd isolement en gevoelens van angst.
  • Mensen die door COVID-19 getroffen werden, zowel patiënten als familie van overledenen. Besmette personen voelen zich nadien vaak gestigmatiseerd en nabestaanden hebben geen of slechts beperkt afscheid kunnen nemen van hun geliefde.

We moeten het verschil maken tussen ons mentale welzijn in een periode van quarantaine, en de periode nadien, wanneer de maatregelen opgeheven worden. Daarom werken we ook in het actieplan met verschillende fase. De hoogste noden krijgen prioriteit, die pakken we op korte termijn aan. Andere acties zijn vooral gericht op wat hierna komt. En zijn dus eerder voor de middellange en de lange termijn.

Krachten bundelen

Het bouwen aan een veerkrachtige samenleving doen we niet alleen.

We werken samen met organisaties op het terrein en zetten hun ervaring in om mensen weerbaarder te maken.

We werken nauw samen met enkele topexperts in Vlaanderen zoals Dirk De Wachter, Lieven Annemans, Elke Van Hoof, Erik de Soir, Peter Adriaenssens, Gwendolyn Portzky en Herman Van Goethem. Dit wetenschappelijke comité zal gedurende het ganse proces nieuwe inzichten delen, voorstellen doen om het actieplan te verfijnen, de vorderingen mee opvolgen en het beleid actief mee uitdragen.

We toetsen de uitvoering van dit plan ook af met de mensen waarvoor het plan bedoeld is zoals bijvoorbeeld ouderen, jongeren, mensen met een psychische kwetsbaarheid en hun omgeving, mensen met ervaring in armoede. Dit gebeurt in de klankbordgroep met ervaringsdeskundigen.